|
Zaterdag 5 juli 2009
We hadden afgesproken aanwezig te zijn op de plaats waar de paarden opgetuigd of
opgezadeld werden. Het was het laatste huis van de wereld nummer 9.
Een omgeving om jaloers op te zijn. Niet ver van de plaats waar de
Geul haar best doet een schitterend landschap te creëren. Je bent
bevoorrecht als je hier leven en werken mag.
Bij eerdere gelegenheden had ik gemerkt
dat tijd een relatief begrip is. Je weet wel, paard liet zich, in
tegenstelling tot normaal, niet goed laden, of had zich op het
laatste moment nog eens door je weet wel gerold waardoor een extra
poetsbeurt nodig was, een ijzer zat plotseling los etc. Allemaal
legitieme redenen om de afgesproken tijd uit het oog te verliezen.
Maar oeps…..wat hadden we het mis
vandaag. Volgens mij waren de paarden vroeg uit het stro, hadden
zich gedoucht en geborsteld en hun voeten, inclusief het ijzerwerk,
goed verzorgd. Omzichtig langs hoopjes en plassen geslingerd en
geheel zelfstandig de trailer opgelopen, daar geduldig wachtend op
hun bazen want die zijn immers altijd op tijd.
Wij waren dus de laatste. De meeste
paarden stonden al opgetuigd te wachten. Een enkele afgetrainde
ruiter bevond zich al op het paard en de stoet vertrok richting de
Plaat, ook al zo’n uniek stukje Limburg. Als je met paarden onderweg
bent heb je twee soorten reacties. Een van bewondering en goed dat
het er nog is en een van….hoe heb je het lef om me de weg te
versperren want ik moet op mijn vrije dag zoveel mogelijk kilometers
afleggen. Je wordt dan ook door sommige verkeersdeelnemers links en
rechts voorbij gevlogen, geen rekening houdend met het feit dat een
paard ook wel eens zou kunnen schrikken.
Nu is een Priesterjubileum een vredige
gebeurtenis en je maakt je !@#$%^&* niet boos op zo’n dag.
Aangekomen bij pastoor Jansen stond het
feestgezelschap ons op te wachten. Niet zo moeilijk want op de
verharde weg ben je van verre te horen. Paarden, ruiters en
koetsiers werden begroet en het feestgezelschap nam plaats in de
versierde koets en vertrok richting kerk. Het gerucht dat de ronde
deed dat wijn mogelijk in de koets verstopt zou zijn was…..waar.
Halverwege de rit voegde de schutterij zich nog bij de stoet. De
paarden waren daar absoluut niet van onder de indruk. Hoe dichter de
kerk naderde hoe drukker het werd. Bij de kerk werden we nog verrast
met kamerschoten. Behoorlijk denderende knallen. Geen paard dat zich
van de wijs liet brengen. Bij de kerk werd gestopt, pastoor stapte
uit en liep te voet het pad naar de kerk op. Even later volgde een
ruiter. Hij bleef echter voor de kerk staan. Nu gaat nog steeds het
gerucht dat hij eigenlijk de kerk in had gewild. Zekerheid zullen we
hierover wel nooit meer krijgen. Maar wat is het leven met alleen
maar beantwoorde vragen? Er moet nog steeds iets overblijven voor de
fantasie en de vraag, wat was als.
Op de terugweg namen veel voetgangers
plaats in de koets, Niet dat ze moe waren, maar het gerucht over de
wijn deed ze instappen. De wijn hebben we niet gevonden, maar
gezellig was het toch.
Reactie Pastoor
Jansen
Reactie Sjarel
 |