|
Nieuwe dierziekten ook gevaarlijk voor mens.
Door toename van de internationale diertransporten,
klimaatverandering, groeiend toerisme en het toenemende risico van
bioterrorisme neemt de kans op introductie van nieuwe dierziekten
die ook gevaarlijk zijn voor de mens toe. Insecten die de ziekten
overbrengen spelen daarbij een belangrijke rol. Nieuwe exotische
dierziekten hebben zich de laatste 10 jaar gevestigd in regio’s waar
ze voorheen niet voorkwamen of waren uitgeroeid. Voorbeelden hiervan
zijn het blauwtongvirus in Noordwest-Europa en het Westnijlvirus in
Noord-Amerika. De kans op nieuwe (dier)ziekten in Nederland is
duidelijk vergroot. Dit was de conclusie van het symposium over
nieuwe exotische (dier)ziekten dat afgelopen vrijdag werd gehouden
op het Centraal Veterinair Instituut van Wageningen UR in Lelystad.
Kansen op nieuwe vectorziekten
De afgelopen 10 jaar is West-Europa opgeschrikt door uitbraken van
een aantal infectieziekten die door insecten en teken worden
overgedragen. Willem Takken (Wageningen Universiteit en Research
Centrum) meldde dat deze trend zich ook in Nederland kan voordoen,
versterkt door toegenomen handelsverkeer, menselijk reisverkeer en
opwarming van de aarde. Hij pleit voor het instellen van een
waarschuwingssysteem, waarbij ook preventieve maatregelen meegenomen
worden.
Blauwtong eerste waarschuwing
In 2006 werd blauwtong type 8 geïntroduceerd in Noordwest-Europa.
Het is helaas nog steeds niet bekend hoe het virus is
geïntroduceerd. Wat wel snel duidelijk werd was dat de aanwezige
knuttensoorten zeer goed in staat bleken te zijn het virus te
verspreiden. Tot nu toe zijn er 3 knuttensoorten gevonden in
Noordwest-Europa die het virus kunnen verspreiden: Culicoides
dewulfi, C. chiopterus en C. obsoletus. Verwacht werd dat de
epidemie zou doodlopen omdat de knut, het insect dat dit virus
verspreidt, de winter niet zou overleven. De epidemie kwam echter in
het voorjaar van 2007 weer op gang, waarschijnlijk omdat het virus
aanwezig was in kalveren die in het voorjaar zijn geboren uit
moeders die laat in 2006 geïnfecteerd zijn geraakt, zo vertelde
Armin Elbers van het Centraal Veterinair Instituut van Wageningen UR.
De epidemie verspreidde zich in 2007 explosief en veroorzaakte
behoorlijke schade in melkvee (m.n. dip in melkproductie en
vruchtbaarheidsproblemen), schapen (sterfte) en in mindere mate in
geiten. Blauwtong is overigens niet gevaarlijk voor de mens.
In 2008 werd een vaccinatiecampagne gestart in Noordwest-Europa. Het
aantal klinische uitbraken in 2008 werd in de meeste landen vrijwel
tot slechts enkele tientallen beperkt. In die zin kan gezegd worden
dat de vaccinatiecampagne in 2008 een groot succes is geworden, en
dat er veel dierenleed is voorkomen. Er is echter bezorgdheid over
de situatie in Frankrijk en Spanje: in deze landen breiden zowel
serotype 1 als serotype 8 infecties zich nog steeds uit en lijkt het
erop dat vaccinatie er niet snel en adequaat genoeg wordt ingezet.
Bestrijding African Horse Sickness ligt gevoelig
José Sanchez Vizcaino van de Veterinaire Faculteit van Complutense
Universiteit in Madrid stelde dat African Horse Sickness binnenkort
in Noordwest-Europa verwacht kan worden. Het risico is vooral dat
geïnfecteerde muggen via zandstormen vanuit Marokko naar Europa
overwaaien. Deze ziekte, die niet gevaarlijk is voor de mens, kan
tot zeer hoge sterftepercentages leiden (70-95%). De ziekte is in de
laboratoria goed te diagnosticeren, maar een veilig vaccin is er
helaas nog niet. En als er een veilig vaccin zou zijn, dat is het
nog een hele toer om paarden gevaccineerd te krijgen. Paarden zijn
immers geen landbouwhuisdieren. Rondom paarden is veel emotie, en
een vaccin dat mogelijk bijwerkingen heeft, zal niet zonder slag of
stoot aan deze edele dieren worden gegeven.
Westnijlvirus al beter onder controle
In 1999 werd het Westnijlvirus (WNV) geïntroduceerd in Noord-Amerika
(in de staat New York). Het virus verspreidde zich daarna door heel
Noord-, Midden-, en Zuid-Amerika. Dit virus veroorzaakt veel ziekte
bij paarden, vogels en mensen. Inmiddels is er een aantal vaccins
ontwikkeld die paarden beschermen tegen nieuwe infecties en nieuwe
vaccins zijn onderweg, meldde Richard Bowen van de Colorado State
University, USA. Vaccins voor mensen zijn er helaas nog niet. Bowen
gaf aan dat dit mogelijk te maken had met het feit dat daarvoor
onderzoek met apen nodig is, en dat is nu eenmaal een lastig
traject.
Risico’s Westnijlvirus voor Europa nu nog klein
Marion Koopmans van het RIVM vertelde dat na de introductie van
Westnijlvirus in Noord-Amerika de vraag opkwam in hoeverre mensen in
Europa risico’s lopen. Het bleek echter ondoenlijk om die
risicoanalyse te doen omdat daarbij zeer veel aspecten een rol
spelen. Daarom ligt de focus nu op monitoring. Het westnijlvirus
komt voor op verschillende plaatsen in Europa, maar er is zeer
waarschijnlijk een onderschatting van het aantal gevallen omdat de
ziekte door artsen niet wordt herkend. Koopmans verwacht dat het
risico op een echte uitbraak klein is, maar klimaatverandering kan
leiden tot een langere activiteit van muggen in de herfst waardoor
het risico kan toenemen. Het is daarom belangrijk de monitoring
voort te zetten. Een betere coördinatie hiervan is echter wel
dringend nodig om de risico’s voor de humane gezondheid beter in te
schatten en om beter voorbereid te zijn op een eventuele uitbraak.
Crimean-Congo dichtbij
Onder Ergonul van de Marmara University in Istanbul, Turkije, wees
op de risico’s van het Crimean-Congo Hemorrhagic virus dat verspreid
wordt door teken. Dit virus komt voor in Afrika, Azië,
Zuidoost-Europa en het Midden-Oosten. Het kan bij 5-40% van de
mensen die geïnfecteerd raken tot sterfte leiden. Volgens Ergonul is
de opwarming van de aarde de belangrijkste oorzaak van de
dramatische toename van infecties in Turkije. Er is op dit moment
nog geen goed vaccin beschikbaar. Persoonlijke bescherming tegen
teken is op dit moment de beste methode om de kans op infectie te
minimaliseren. Het virus komt ook voor bij runderen, schapen,
paarden, wilde zwijnen, bepaalde vogelsoorten en hazen, maar
veroorzaakt daar geen ziekte. Het vaccineren van de veestapel draagt
volgens hem niet bij aan de oplossing van het probleem voor mensen:
de teken zijn de overbrengers van de ziekte, en ook zonder ziek vee
kunnen zij het gevreesde Crimean-Congo (soms ook wel het Europese
Ebola genoemd) verspreiden.
Wereldwijd zorgen om Riftvalleivirus
“De hele wereld moet zich zorgen maken over de introductie van
Riftvalleivirus.”
Dat zei Janusz Paweska van het National Institute for Communicable
Diseases of the National Health Laboratory Service in Johannesburg,
Zuid-Afrika.
Dit virus komt oorspronkelijk uit de Rift vallei in Kenia en wordt
verspreid door steekmuggen. Het is op dit moment een belangrijke
bedreiging voor herkauwers en mensen in Afrika. Bij herkauwers
veroorzaakt het virus abortus en een hoge sterfte van jonge dieren.
Bij mensen is het ziektebeeld doorgaans mild, maar het virus leidt
bij een beperkt aantal patiënten tot ernstige ziekte en in sommige
gevallen zelfs tot sterfte. Paweska verwacht dat klimaatverandering,
verspreiding van geïnfecteerde muggen door de wind, illegale import
van levende dieren, export van besmette dierlijke producten en het
reizen van zieke mensen leidt tot verspreiding van deze ziekte
buiten Afrika.
Indirecte kosten hoger dan directe kosten
Ron Bergevoet, senior onderzoeker bij Wageningen UR, stipte de
sociaal-economische consequenties aan van de introductie van nieuwe
dierziekten. De schade van de introductie van een nieuwe exotische
dierziekte bestaat uit directe schade (productieverliezen,
controlemaatregelen, ruimingen), controlekosten (diagnostiek,
beschermende kleding, desinfectiemaatregelen, vaccinatiekosten als
dat mogelijk is), waardedaling van de dierlijke producten en kosten
ten gevolge van transportverboden. De indirecte schade kan echter
veel groter zijn dan de directe schade. Deze kan bestaan uit
prijsdalingen, gevolgen voor het toerisme en dienstensector als ook
beschikbaarheid van voedsel. De schade ten gevolge van de
blauwtonguitbraak in Nederland in 2006 en 2007 moet geschat worden
op 78 miljoen euro. De kosten van de SARS-epidemie in Azië in 2003
zijn geschat op 13 miljard dollar. Mocht er een pandemie uitbreken
van hoog-pathogene Aviaire Influenza (vogelpest) dan moet de
wereldeconomie rekening houden met een schadepost van 2 000 miljard
dollar.
Om de gevolgen van uitbraken van nieuwe dierziekten te beperken is
een snelle opsporing bij de bron belangrijk. Hiervoor is
internationale samenwerking op gebied van communicatie, veterinaire
en humane gezondheid noodzakelijk.
Bescherming via vaccinatie
Rob Moormann, projectleider bedreigende vectorgebonden virusziekten
van het Centraal Veterinair Instituut, benadrukte dat de
moeilijkheid van het bestrijden van al deze dierziekten (die ook
gevaarlijk zijn voor de mens) zit in het feit dat ze worden
overgedragen door een tussengastheer, een insect. Hij is van mening
dat introductie van deze ziekten bij de mens kan worden verminderd
door een goede bescherming van de dierpopulatie door vaccinatie. Als
de dieren niet ziek worden, kunnen insecten deze ziekten immers niet
overdragen op de mens. Het Centraal Veterinair Instituut investeert
de komende jaren daarom fors in de ontwikkeling van nieuwe vaccins
voor bescherming van dier (en daardoor indirect de mens) en in
diagnostische testen om deze ziekten vast te kunnen stellen.
Binnenkort opent het instituut een nieuw speciaal laboratorium
waardoor het meer onderzoek op dit gebied kan uitvoeren.
Bron:
Boerenvee
De presentaties staan op
http://www.cvi.wur.nl/NL/onderzoek/dierziekten/EVBD/.

|