| |
Atypische
Myopathie
Utrechtse
wetenschappers hebben het onderzoek naar een dodelijke spierziekte
bij paarden een stapje verder gebracht.
Zij hebben de
biochemische oorzaak van de spierziekte ’atypische myopathie’
vastgesteld: een verstoring van de vetverbranding.
Door die ontdekking is het mogelijk via urine- en/of
bloedonderzoek met zekerheid de diagnose te stellen van de ziekte
en kan gericht gezocht worden naar behandelingsmethoden.
De onderzoekers, die samenwerkten met collega’s in Lyon en Luik,
publiceren hierover in het wetenschappelijke tijdschrift
Neuromuscular Disorders. Een van de auteurs, dierenarts Cornélie
Westermann, promoveert op 20 maart op onderzoek naar spierziekten
bij het paard.
Volgens de onderzoekers lijkt de spierziekte in Europa steeds
vaker voor te komen. In België en Frankrijk waren er sinds 2002
meerdere uitbraken en ook Nederland werd in de herfst van 2006
opgeschrikt door een ernstige uitbraak. Doorgaans sterft 90
procent van de betrokken paarden aan deze aandoening, vaak binnen
72 uur.
Deze spierziekte bij paarden is sinds 1939 bekend. De aandoening
werd voor het eerst beschreven in Wales. De spierziekte is nu
tenminste tien Europese landen bekend. Daarnaast komt de
aandoening waarschijnlijk ook voor in Amerika, Canada en
Australië.
De ziekte kan zeer veel schade aanrichten. Zo bezweken in
Noord-Duitsland in 1995 binnen een periode van twee weken meer dan
honderd paarden aan de door onbekende reden veroorzaakte
spierziekte. Atypische myopathie treedt vooral op bij paarden die
buiten worden gehouden en komt voor bij verslechtering van het
weer in de herfst en het voorjaar. De aandoening treft paarden van
alle rassen en leeftijden. Tot op heden was er nog geen
diagnostische test beschikbaar, waarmee de aandoening met
zekerheid kon worden vastgesteld.
21 februari 2008 -
bron: ANP

|
|